Hoog-risicogroepen bereiken: zo doe je dat

Onderzoeker Niels Janssen (consortium NDPI / Maastricht Universiteit) en projectleider Habiba Chrifi-Hammoudi (welzijnsorganisatie U Centraal) zijn betrokken bij de campagne ‘We zijn zelf het medicijn’. Deze helpt mensen om zelf het risico op dementie te verkleinen en is speciaal bedoeld voor mensen met een hoog risico op dementie. Alleen: doorgaans bereikt reguliere voorlichting hen nauwelijks. Met ‘We zijn zelf het medicijn’ lukte het – uiteindelijk – wel.
In deze podcast vertellen Janssen en Chrifi-Hammoudi over inzichten, over aanpassingen die de campagne verbeterden en waarom gelijkwaardige samenwerking met welzijnsprofessionalsde essentieel is. Het gesprek werd geleid door het hosting-duo Jeroen Vlug (onderzoeker en projectleider van DEMPACT-partner Movisie) en Carlijn Lensink (Impactmanager Onderwijs DEMPACT).
Luister hieronder via Spotify.
Podcast | Samengevat
Mensen met een hoog risico op dementie worden vaak slecht bereikt met gezondheidsvoorlichting. Denk aan mensen met weinig opleiding en inkomen, of een migratieachtergrond. Onderzoeker Niels Janssen (NDPI / Maastricht Universiteit) en projectleide Habiba Chrifi-Hammoudi (welzijnsorganisatie U Centraal) bespraken eerst de oorzaken. Die zijn divers.
Oorzaken
Eén oorzaak is dat traditionele voorlichting (zogeheten ‘top down’-benadering) gewoon onvoldoende aansluit bij de beleving van mensen uit hoog-risicogroepen.
Wat ook niet helpt is dat dementie lastig bespreekbaar is in hoog-risicogroepen. Hulp zoeken doen (naasten van) mensen met dementie in hoog-risicogroepen pas laat. Dat komt deels door gebrek aan kennis over dementie. Ook taalbarrières, schaamte en taboes dragen eraan bij. Sommige groepen zien dementie als een normaal verschijnsel van ouderdom, anderen juist als psychisch probleem; en weer anderen als bezetenheid.
De campagne ‘We zijn zelf het medicijn’ is dus gemaakt om uit te vinden hoe je mensen met hoog risico op dementie wél bereikt. De campagne is ontwikkeld door de Universiteit Maastricht samen met het Alzheimer Centrum Limburg. Consortium NDPI heeft deze later doorontwikkeld.
Niet in 1 keer succes
‘We zijn zelf het medicijn’ is eerst breed uitgerold in Zuid-Limburg (2018/2019) via gemeenten, GGD’en en campagnevrienden. De nadruk lag op algemene publiekscommunicatie. Het bereik was groot, maar de campagne miste juist de mensen in hoog-risicogroepen. De nul-meting en de ervaring brachten desondanks veel op: hoe je als onderzoeker samenwerkt met vele regionale organisaties bijvoorbeeld, en wat in hoog-risicogroepen in de weg zit om zelf het risico op dementie te verlagen (gebrek aan kennis en tijd, beperkt inzicht in verband tussen leefstijl en dementie).
NDPI ontwikkelde vervolgens door. Een combinatie van drie dingen lijkt te hebben gezorgd dat de campagne uiteindelijk wél de mensen bereikte waarvoor die bedoeld is.
"Co-creatie met de praktijk begint met luisteren, de tijd nemen. Juist niet met een volledig vooropgezet idee."
Luisteren: wat is hun ervaring?
NDPI organiseerde focusgroepen om te praten met mensen met een migratieachtergrond en met mensen met een lagere opleiding of inkomen. Centrale vraag was wat zij wisten van dementie en hoe zij het campagnemateriaal ervaren.
Cultuursensitieve communicatie
Daarna heeft NDPI de campagnematerialen vereenvoudigd. Abstracte pictogrammen zijn bijvoorbeeld vervangen door duidelijke afbeeldingen. Ook zijn er herkenbare voorlichtingsfilms gemaakt: in de eigen taal en culturele context.
Inzet van sleutelfiguren en welzijnsorganisaties
In Utrecht (Kanaleneiland) ging NDPI een stap verder. Daar was de aanpak wijkgericht en intensief. NDPI heeft vertrouwde personen uit de wijk betrokken, als brug tussen onderzoek en de gemeenschap. Welzijnsorganisatie U Centraal speelde hierbij een belangrijke rol. Er is samengewerkt met zogeheten sleutelfiguren, en er waren voorlichtingsbijeenkomsten met films en gesprekken in de eigen taal. Deze aanpak bleek essentieel voor het vertrouwen en het bereik.
"Ik knokte al 15 jaar voor video’s in eigen taal. Dat die waardevol zijn, heeft deze campagne nu bevestigd.”
Zichtbare betrokkenheid en bewustwording
De resultaatmetingen lopen nog. Duidelijk is al wel dat de beoogde mensen behoefte hebben aan informatie over dementie en hoe ze dit zelf kunnen helpen voorkomen. Verder leidde de aanpak in Utrecht zichtbaar tot emotionele betrokkenheid, bewustwording en voornemens tot ander gedrag. Denk aan meer bewegen en gezonder leven.
Wat ook al is gebleken: onderzoek kan welzijnswerk steunen. Projectleider Chrifi-Hammoudi van welzijnsorganisatie U Centraal: “Ik knokte al 15 jaar voor video’s in eigen taal. Dat die waardevol zijn, heeft deze campagne nu bevestigd. Dat helpt als we organisaties geld vragen om zulke video’s te maken.”
Niet top-down maar samen
Uit het gesprek tussen onderzoeker Niels Janssen en welzijnswerker Habiba Chrifi-Hammoudi rolden ook belangrijk organisatorische randvoorwaarden. Gelijkwaardigheid kwam het sterkst naar voren. Samenwerking tussen wetenschap en praktijk (en de doelgroepen) kan alleen als de samenwerking gebaseerd is op gelijkwaardigheid en ieder luistert naar de wensen en behoeften van de ander. Habiba Chrifi-Hammoudi: “Prettig in deze samenwerking was dat de onderzoekers met ons in gesprek gingen: wat willen jullie? Ze namen echt de tijd. Je voelt je dan serieus genomen.”
6 randvoorwaarden voor effectieve campagne
- Investeer tijd in relatieopbouw,
- Zorg voor een gelijkwaardige samenwerking waarbij onderzoekers en praktijkprofessionals samen de implementatie vormgeven,
- structurele financiering,
- een betaalde projectleider,
- blijven monitoren, evalueren en aanpassen,
- borging bij gemeente én welzijnsorganisaties.



